Dienend leiderschap

De moeder van Jacobus en Johannes komt bij Jezus. Ze smeekt Hem de voornaamste posities in zijn naderende koninkrijk aan haar twee zoons toe te kennen. Wanneer de andere tien leerlingen dit horen, worden ze woedend. Jezus grijpt de gelegenheid aan om hun opvattingen over belangrijkheid bij te stellen.

25 Jezus riep hen bij zich en zei: “Jullie weten dat heersers hun volken onderdrukken en dat leiders hun macht misbruiken. 26 Zo zal het bij jullie niet mogen gaan. Wie van jullie de belangrijkste wil zijn, zal de anderen moeten dienen, 27 en wie van jullie de eerste wil zijn, zal jullie dienaar moeten zijn 28 – zoals de Mensenzoon niet gekomen is om gediend te worden, maar om te dienen en zijn leven te geven als losgeld voor velen.” Matteus 20:25-28

Echt leiderschap ligt besloten in het dienen van anderen. Hoe dit tot uiting komt, hangt af van de betreffende werkplek en de omstandigheden. Het betekent niet dat een directeur bij toerbeurt een maand de vloer dweilt en toiletten schoonmaakt. Of dat een werknemer de hulp aan een collega mag gebruiken als excuus voor de verwaarlozing van zijn eigen werk. Wat het wel betekent, is dat we al ons werk doen met het doel anderen te dienen: onze klanten, collega’s, aandeelhouders en overige betrokkenen.

De Amerikaanse zakenman en auteur Max De Pree was een tijdlang directeur van kantoormeubelfabrikant Herman Miller. In zijn boek Leadership is an Art schrijft hij:
“De eerste verantwoordelijkheid van een leider is vaststellen wat de werkelijkheid is. De laatste is dankjewel zeggen. Daar tussenin moet de leider een dienaar en een schuldenaar worden. Dat vat de ontwikkeling van een kundig leider samen.”  (Pree, 1989)

De dienaar is die persoon die kracht uitoefent onder Gods regie om zijn relaties gezond te houden Matt. 5:5 1. Een dienende leider verontschuldigt zich voor fouten Matt. 5:4 2 is barmhartig wanneer anderen falen Matt. 5:7 3; sluit vrede indien mogelijk Matt. 5:9 4 en verdraagt ​​onverdiende kritiek op zijn pogingen om God te dienen Matt. 5:10 5 met integriteit Matt. 5: 8 6. Jezus legde dit gedragspatroon vast in zijn eigen handelen ten aanzien van ons Matt. 20:28 7. Wij laten zien dat we volgelingen van hem zijn als we zijn voorbeeld volgen.

Voetnoten

  1. MATTEÜS 5:5 (NBV) Gelukkig de zachtmoedigen, want zij zullen het land bezitten.
  2. MATTEÜS 5:4 (NBV) Gelukkig de treurenden, want zij zullen getroost worden.
  3. MATTEÜS 5:7 (NBV) Gelukkig de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden.
  4. MATTEÜS 5:9 (NBV) Gelukkig de vredestichters, want zij zullen kinderen van God genoemd worden.
  5. MATTEÜS 5:10 (NBV) Gelukkig wie vanwege de gerechtigheid vervolgd worden, want voor hen is het koninkrijk van de hemel.
  6. MATTEÜS 5:8 (NBV) Gelukkig wie zuiver van hart zijn, want zij zullen God zien.
  7. MATTEÜS 20:28 (NBV) Zoals de Mensenzoon niet gekomen is om gediend te worden, maar om te dienen en zijn leven te geven als losgeld voor velen.